Het was een heel circus in de eerste week van september, met alle media-aandacht rondom de geboorte van De Drentse Lelie.
Niet alleen de vakbladen pakten het telersinitiatief om leliebollen met een veel lagere milieu-impact te produceren enthousiast op. Ook de landelijke media berichtten massaal over dit positieve bericht vanuit de landbouw. Het was een aaneenschakeling van interviews voor radio, tv en de belangrijke landelijke dagbladen. Opvallend waren ook de reacties die varieerden van ‘eindelijk een positief bericht uit de landbouw’ tot ‘wat, is er zoveel mogelijk in de lelieteelt?’.
Inzet van de lelietelers
Extra knap vind ik de inzet van de Drentse lelietelers waarbij een van hen, Gert Veninga, ook door dezelfde media werd geïnterviewd en knap verwoordde waarom De Drentse Lelie het antwoord is op de zorgen die omwonenden hebben over de lelieteelt. Als klap op de vuurpijl kwam Irene Schouten, meervoudig olympisch schaatskampioene schaatsen, om De Drentse Lelie in ontvangst te nemen op het kraamfeest met geboortekaartjes en een heus wiegje met lelies. De link met Schouten was niet toevallig; ze komt namelijk van een bollenbedrijf uit Noord-Holland en als topsporter weet ze alles van doorzetten, tegenslagen overwinnen en doorgaan. Ook landbouw, lelieteelt niet in het minst, is topsport en doorzetten.
Meer dan een leliefeestje
Nu lijkt dit een leliefeestje, maar de reikwijdte gaat veel verder. Dit is van toepassing op de hele landbouw, van aardappel tot prei, van koe tot kip. Het heeft mij in elk geval weer eens opnieuw bevestigd dat we naar buiten moeten met het verhaal. Het echte verhaal dat zoveel meer kracht in zich heeft als je het vertelt vanuit je eigen visie en waar is. En ook eerlijk zijn als het tegenzit of als iets niet werkt. Het sleutelwoord is ‘vertrouwen’. Dat begint bij jezelf, eerlijk zijn naar jezelf en de ander.
Wat is erger: 2 kopjes koffie per dag of een lelieveld naast je deur?
Binnenkort verschijnt er opnieuw een aflevering van Pointerover de lelieteelt. Vanuit de redactie was er oprechte interesse voor de aanpak van De Drentse Lelie en hoe dit kan doorwerken in vermindering van de polarisatie. Een, overigens terechte, vraag was waarom je zou willen werken aan vermindering van chemische gewasbescherming als gezondheid geen probleem is in de gangbare teelt. Ik moest toch wel even nadenken over hoe ik dit het beste kon verwoorden. Het is namelijk best lastig om aan iedereen, waaronder mensen zijn die panisch worden bij het woord chemie, eenvoudig uit te leggen dat we voortdurend worden blootgesteld aan chemie en dat de dosis de toxiciteit bepaalt. Alles is chemie, ook de meest biologische teelt. Een kopje zout kan dodelijk zijn en we gebruiken het dagelijks! Wat is erger: 2 kopjes koffie per dag of een lelieveld naast je deur? Dat is precies wat ik mis in het debat en de media. De nuance; wanneer is er gevaar en wat is het risico, de kans dat er schade optreedt.
Suikerklontje in het IJsselmeer
Zoals Simon Roozendaal de meetrevolutie meesterlijk beschrijft waarbij we vroeger in procenten konden meten en tegenwoordig een suikerklontje in het IJsselmeer kunnen detecteren. Het is toch ernstig dat mensen volledig in paniek raken, terwijl dat niet hoeft. Dat betekent niet dat je discussies rondom gezondheid bagatelliseert! Ik ben groot voorstander van het onderzoeken van de effecten op gezondheid. Er is echter geen reden voor paniek (trouwens ook slecht voor de gezondheid). Weten is meer dan meten.
Janny PeltjesJanny is vaste columnist voor agrarisch vakblad Boerderij. In haar maandelijkse columns deelt ze haar visie op actuele thema’s in de landbouw. .