Fusarium onder de loep: 10% onderzochte uienpercelen loopt hoog risico

De Uireka-fusariumtoets is met open armen ontvangen door de uiensector. Uitvoerder HLB heeft de handen er goed aan vol en hoopt via deze weg het hele uienareaal in kaart te kunnen brengen voor meer kennis over de schimmelziekte. Uit de eerste signalen blijkt zo’n 10% van het onderzochte areaal een zware fusariumbesmetting te hebben.

Kennis verzamelen, dat is een belangrijk doel van onderzoeks- en adviesorganisatie HLB. De fusariumtoets is een mooie manier om dat te doen. Maar in de eerste plaats is deze uiteraard bedoeld om telers te informeren over de fusariumtoestand op hun geplande uienperceel.

Direct volop animo

Gelijk sinds de introductie eind 2025 was er volop animo voor de toets. Het aantal monsters loopt al richting de 300, vertelde accountmanager Sanne Graafstra van HLB/de Groene Vlieg op de plenaire Uireka-bijeenkomst die medio maart bij WUR Open Teelten in Lelystad werd gehouden. Die monsters HLB steekt de monsters zelf, met getrainde monsternemers. “Om lage concentraties ook mee te kunnen pakken, kweken we een deel van het monster op.”

De resultaten tot nu toe zijn eigenlijk verrassend positief.  Sanne: “Twee derde van de monsters is negatief, wat betekent dat er geen fusariumscore is. Van het derde deel met fusariumbesmetting scoort twee derde een laag en een derde een hoog risico.”

De besmettingen komen hoofdzakelijk voor in de oudere uienteeltgebieden, voegt Sanne toe.  “Zo’n 10% van het onderzochte areaal heeft een zware besmetting.”

Hoe representatief is monster?

Uit de zaal kwamen vragen over hoe representatief de monstername is, aangezien fusarium pleksgewijs kan voorkomen. Ook willen telers graag meer uitgebreide uitslagen met duiding vanuit de toets. Sanne geeft aan dat gestandaardiseerde advisering lastig is, omdat meer factoren een rol spelen.

Gijsbrecht Gunter van Uireka benadrukt dat dit het eerste jaar is waarin de toets in praktijk is gebracht. “De validatie bespreken we nu.” Eerder gaf HLB-directeur Pieter Vos ook al aan dat de fusariumtoets ‘work in progress’ is. “We zijn ‘m volop aan het finetunen.”

Data leiden tot verbetering toets

Alle data die worden verzameld leiden tot een beter fusariumadvies. Ook ontvangen alle deelnemers een enquête om de ervaringen te meten.

Curatief kun je niet zoveel doen tegen fusarium, maar bouwplantechnisch en op gebied van plantversterking zeker wel. Seizoensinvloeden spelen een grote rol in de opbrengstderving; elk jaar is dus anders. Advies blijft daarom maatwerk. De fusariumtoets biedt een kansberekening voor een perceel en daarmee een basis voor fusariumreductie.